Copy

Internationalisering: meer van het nieuwe


Nederland is een postzegel. Toch is de Nederlandse agrarische sector één van de grootste exporteurs ter wereld van land- en tuinbouwproducten. Het gros van de producten die wordt geteeld en gekweekt - ook in de Greenport - wordt uitgevoerd. Je kunt dus met recht zeggen dat de agrosector een van de meest internationaal georiënteerde sectoren van het land is.

Tegelijk is internationalisering een van de hoofdthema’s van de Greenport. Waarom, zou je je kunnen afvragen? Moeten er dan nóg meer tomaten worden geëxporteerd? En waarom zou je dat organiseren: dat is toch gewoon een kwestie van het beste product voor de beste prijs?

Helemaal eens. Dat is inderdaad niet waarmee de Greenport zich bezighoudt. Verre van zelfs. Voor ons is internationalisering namelijk ook iets totaal anders. En in deze nieuwsbrief leest u daarvan enkele voorbeelden. Beide voorbeelden sluiten bovendien perfect aan op onze strategie: Feeding and Greening the mega-cities.

Internationalisering gaat voor ons een stap verder dan het verkopen van producten; het gaat om het vermarkten van concepten. Een eenvoudig antwoord, maar er gaat enig denkwerk aan vooraf om dat in goede banen te leiden. Zo las u in de vorige nieuwsbrief al over Fieldlab Freshteq. In dat samenwerkingsverband wordt gewerkt aan die concepten: hoe zien bijvoorbeeld de coalities eruit die concepten verkopen? En hoe ziet de etalage van Nederlandse concepten eruit?

Tegelijk worden in de praktijk al (deel)concepten ontwikkeld en verkocht. Zo werd afgelopen maand in Bleiswijk een Chinese Solar Kas geopend. De constructie is een kopie van een Chinese kas, maar dan voorzien van Nederlandse technologie en kennis. Met de kennis die wordt opgedaan in Bleiswijk kunnen in China nóg betere en meer komkommers worden geteeld. De Chinese Solar Kas is dus een treffend voorbeeld hoe kennis verpakt als concept kan worden verkocht aan een grootmacht aan China. Ik ben dan ook bijzonder trots op het consortium dat dit heeft gerealiseerd.

Ook trots ben ik op onze nieuwe partner: The New Farm. U heeft er wellicht van gehoord: het kantoorpand in Den Haag waar een jaar geleden de stadskas van Urban Farmers werd geopend. Sindsdien heb ik vaak binnen de tuinbouw gehoord: ‘Een kas op een dak van een kantoor, dat kan toch niet?’

Zoals u in deze nieuwsbrief leest is The New Farm geen productiebedrijf, en dus ook geen concurrent. The New Farm wordt een demonstratie- en innovatiecentrum voor stedelijke voedselproductie. Doel van The New Farm is dan ook dergelijke concepten te verkopen aan buitenlandse partners met als boodschap dat vertical farming en roof farming een aanvulling kan zijn voor bestaande voedselproductie. Ofwel: geen concurrent, maar een samenwerkingspartner die via een nieuwe manier werkt aan de internationalisering van de Nederlandse tuinbouw.

Internationalisering is dus voor de Greenport niet meer van het bestaande, maar meer van het nieuwe. Dat nieuwe onderzoeken we samen, bijvoorbeeld tijdens de bijeenkomsten van de Greenboard en tijdens ons Jaarevent op 11 mei (dat volledig is volgeboekt!). Want samen organiseren we een gezonde en vitale toekomst voor ons tuinbouwcluster.
 
Jolanda Heistek
Programmamanager Greenport

Algemeen


 

The New Farm, innovatie- en demonstratiecentrum voor verticale stadslandbouw

 
The New Farm uit Den Haag is de nieuwste partner van de Greenport. Het ‘centrum voor verticale stadslandbouw’ zoekt op het gebied van binnenstedelijke voedselproductie en voedselbewustzijn verbindingen en samenwerkingen met andere bedrijven en organisaties binnen de Greenport. Directeur Eveline Braam van The New Farm: "Stedelijke voedselproductie is een aanvulling op de huidige invulling van de Greenport."
 
De naam van het industriegebied in het zuiden van Den Haag is toepasselijk: Groente- en Fruitmarkt. Tot een jaartje geleden was die naam echter alleen historisch correct. Op het bedrijventerrein zitten namelijk vooral autogarages en transportbedrijven.

Maar een jaar geleden vestigde de eerste huurder zich in het pand van The New Farm. Het van oorsprong Zwitserse bedrijf Urban Farmers nam de bovenste (zesde) etage en het dak van het voormalig kantoorpand aan de Televisiestraat in gebruik. Op het dak staat sindsdien een kas van 1200 m2, waar onder meer tomaten, paprika’s, courgettes, aubergines, sla, babyleafs en microgreens worden geteeld. Op de etage daaronder staan kweekbakken voor Tilapia. Door het aquaponicssysteem wordt het water van de vissen gezuiverd, nutriënten van de visuitwerpselen opgevangen en doorgepompd naar de kas en gaat het overtollige water daarna weer naar de vissen.


Opvallend concept

Maar daarmee is The New Farm nog niet gereed. Stap voor stap wordt het een demonstratie- en innovatiecentrum voor stedelijke voedselproductie, vertelt directeur Eveline Braam. "Dit  voormalige productiepand van Philips leent zich er uitstekend voor: de verdiepingen van 1200 m2 zijn 5 meter hoog en enorm stevig gebouwd."

Er komt op de vierde en vijfde etage een 9 meter hoge demonstratiecel, waarvoor een gat in de vloer van de vijfde etage wordt gemaakt. Op de vijfde etage verwachten we meerdere high tech bedrijven actief op het gebied van vertical farming. Op de vierde etage is ruimte voor de kweek van onder meer oesterzwammen, algen en insecten.

De andere verdiepingen bieden ruimte voor onder meer De Kookfabriek, bedrijfsruimtes, een incubator voor startups en een multifunctionele bijeenkomstenruimte o.a. bestemd voor onderwijs. Op de begane grond kunnen in de markt de producten die in het pand gekweekt worden en producten uit andere stadslandbouwprojecten verkocht worden. In de naastgelegen horecaruimte kunnen de producten ook geproefd worden. Een opvallend concept dat stap voor stap wordt ingevuld.
 

Geen concurrent

The New Farm is een initiatief van de gemeente Den Haag: dat wilde onderzoeken op welke manier stadslandbouw en voeding een rol kon spelen in leegstaande kantoorpanden. En om alle misverstanden uit de weg te helpen: The New Farm wordt geen concurrent van de huidige innovatieve glastuinbouwbedrijven, vertelt Braam. "In een Haags ‘flatgebouw’ kunnen nooit voldoende producten geteeld worden om de stad te voeden, en ook niet voor een concurrerende prijs. Maar dat is ook helemaal niet de bedoeling. "We hebben een andere doelstelling met The New Farm."

Braam: "We willen een innovatie- en demonstratiecentrum zijn voor verticale stadslandbouw: innovatie, kennisdelen, educatie, het grote publiek bekend maken met nieuwe voedselbronnen, naast de demonstratie van mogelijkheden van verticale stadslandbouw. We richten ons voor een deel op de export, ook voor de tuinbouw. Er is veel buitenlandse interesse voor vertical farming. Met regelmaat komen hier buitenlandse delegaties: die laten we ons concept zien. Een concept waarbinnen vertical farming en rooftopfarming worden gecombineerd met andere vormen van voedselproductie. Zoals de kweek-oesterzwammen. Daarnaast zijn we geïnteresseerd in bedrijven die werken met insecten, algen en zeewier. In de markt en horeca kunnen bezoekers kennismaken met deze nieuwe voedselbronnen. Oesterzwambitterballen en meelwormkroketjes, die moet je proeven!”
 

Samenwerking

Voor al die functies is tuinbouwkennis onontbeerlijk, aldus Braam. "Binnen de verticale stadslandbouw worden veel innovaties uit de andere vormen van teelt toegepast of aangepast vanuit de bestaande of innovatieve kennis. Als je totaal- of deeloplossingen wilt verkopen – zoals die in The New Farm getoond kunnen worden - dan heb je de kennis nodig die binnen de Greenport aanwezig is. Daarom hebben we ons aangesloten bij de Greenport. Op die manier zoeken we de samenwerking. Bovendien doen we aan educatie: we laten mensen in de stad zien hoe bijvoorbeeld tomaten groeien. Zo ontvangen Urban Farmers nu al honderden bezoekers per week nationaal en internationaal voor een rondleiding. En zowel met Tomatoworld als met de Demokwekerij is al gesproken over samenwerking en een doorverwijsfunctie over en weer."

Her en der in het pand van The New Farm zie je logo’s van grote tuinbouwtoeleveranciers: ze werken op de een of andere manier mee aan projecten binnen het pand. Horticoop plaatst binnenkort buiten tegen de kopgevel van The New Farm een zeecontainer met LED-teelt (de zogenoemde The Leafy Green Machine), die toegankelijk wordt vanuit het trappenhuis. Daarnaast huurt Horticoop binnenkort een aantal werkplekken, vertelt Braam.

Braam: "We willen nóg meer de samenwerking met de tuinbouw zoeken. Het oprichten van hèt platform voor verticale stadslandbouw is – naast het vullen van het pand - de volgende stap. Samen kunnen we concepten bedenken en verkopen voor stedelijke voedselproductie. Onze doelstelling is niet om de glastuinbouw te vervangen. Wij zijn een aanvulling.
Overigens is het wel een belangrijke aanvulling gezien de ontwikkelingen wereldwijd op het gebied van vertical farming. Als we de krachten bundelen kan Nederland hier een grote bijdrage aan leveren."

Toekomst tuinbouw vraagt keuzes overheid


“De tuinbouw staat voor grote veranderingen. Dat vraagt om een betrokken overheid die keuzes durft te maken.” Die conclusie trekken ondernemers, belangenorganisaties, provinciale en lokale politici uit onze partner gemeenten Lansingerland, Waddinxveen, Pijnacker-Nootdorp en Zuidplas. Op initiatief van de christelijke fracties uit deze vier gemeenten gingen tuinbouwdeskundigen met de lokale politiek in gesprek.
 
De tuinbouw is voor de vier gemeenten een belangrijke economische pijler. Ze zorgt voor werkgelegenheid en heeft een internationale uitstraling. Volgens deskundigen komen er echter grote veranderingen aan. Waterkwaliteit wordt steeds belangrijker en de energietransitie vraagt om nieuwe investeringen.

Tijdens de bijeenkomst op maandag 10 april in het gemeentehuis van Lansingerland riepen de deskundigen de lokale overheden op om over gemeentegrenzen heen te denken. Bijvoorbeeld bij het aanleggen van de warmteronde. Ook moeten er keuzes gemaakt worden op het gebied van energie-infrastructuur en de verkeersontsluiting. Als gemeenten niet samenwerken over hun grenzen heen, zal dat ten koste gaan van de tuinbouwsector.

Alleen locaties waar alle voorzieningen zijn te realiseren die nodig zijn voor de sector zullen in de toekomst kunnen blijven bestaan. Dat vraagt keuzes van gemeentebesturen op het gebied van ruimtelijke ordening. De locaties die afvallen zullen samen met de sector gekozen moeten worden.

Inleiders op deze avond, georganiseerd door CDA, ChristenUnie, SGP en PCW uit de gemeenten Pijnacker-Nootdorp, Lansingerland, Waddinxveen en Zuidplas, waren Bernard Oosterom (Herstructurering en Ontwikkeling Tuinbouw), Hans Koolhaas (LKP Plants en Warmte Coöperatie Zuidplaspolder), Jolanda Heistek (Greenport Westland-Oostland en Roadmap Next Economy).

Maak samen met anderen een duurzame stap vooruit met uw bedrijf

 
Duurzaamheid is een thema waar we als samenleving niet meer omheen kunnen. Ook steeds meer ondernemers omarmen duurzaamheid als een onderdeel van ondernemen. Een groeiende groep duurzame topondernemers zoals Quirijn Bolle (Marqt), Bart van Olphen (Fish Tales), Peter de Rooy (De Rooy Transport) en Meiny Prins (Priva) laat met hun bedrijven zien dat er business zit in duurzaamheid.

Er kan dan ook geconcludeerd worden dat steeds meer ondernemers ontdekken dat ze met duurzaamheid hun positie in de markt kunnen versterken. Naast business en goodwill van klanten ervaren ze bovendien het gevoel zelf iets bij te dragen aan een duurzamere wereld.
 

Voor de Kamer van Koophandel is deze ontwikkeling aanleiding geweest voor de ontwikkeling van de MOOC (Massive Open Online Course) 'Duurzaam Vooruit'. Dit initiatief is een mix van een online cursus en een sociaal platform. Toonaangevende experts en duurzame topondernemers werken mee aan de MOOC 'Duurzaam Vooruit', die zich kenmerkt door een hoge mate van interactiviteit met andere deelnemers. 


Gratis aanmelden

Omdat de Greenport Duurzaamheid hoog in haar ambitie heeft staan attenderen wij u op dit initiatief.
 
Meer informatie vindt u op www.kvk.nl/duurzaamvooruit. Daar kunt u zich ook aanmelden.

Kennis & Innovatie


Meer informatie over dit thema: Jan Willem Donkers
Themacoördinator Kennis & Innovatie (Hogeschool Inholland)

Leren voor een diploma, maar dan op je eigen bedrijf

 
Jack Zwinkels runt samen met zijn vader Johan kwekerij Vicini in Nootdorp. Zijn bedrijfskundige kennis is uitstekend dankzij een eerdere studie. Maar zijn teeltkennis verdiende een upgrade. Daarom koos hij voor de Flexibele deeltijdopleiding Tuinbouw & Agribusiness van Inholland Delft. “Ideaal, ik kan zelf mijn planning maken én kan de geleerde stof direct toepassen op ons bedrijf.”
 
De 26-jarige Jack Zwinkels  studeerde eerder Small Business & Retail Management. Na  zijn studie koos hij toch definitief voor de tuinbouw. Langzamerhand werkt hij zichzelf in binnen de snijhortensia-kwekerij van 2 hectare.“ Mijn vader is nu 57 jaar. Dat betekent dat hij over een aantal jaar zal stoppen. Daar moet ik dan wel klaar voor zijn.”

Een fulltime opleiding zag Jack niet zitten; het meest praktisch was een opleiding die hij zou kunnen combineren met zijn werk. Begin dit jaar hoorde hij van een nieuwe opleiding bij Inholland Delft: de Flexibele deeltijdopleiding Tuinbouw & Agribusiness. Sinds februari is hij een van de vijf studenten van deze pilot-opleiding. “Je leert wat je moet leren!”
 

Geen tentamens, zelf onderzoek doen

Kern van de flexibele deeltijdopleiding is dat studenten zelf bepalen in welke volgorde en met welke snelheid ze welke stof leren, vertelt Hans Ligtenberg, leercoach bij Inholland, dat partner is van de Greenport. Zo is de bedrijfskundige kennis van Jack meer dan uitstekend. De onderdelen van de opleiding die onder management en organisatie vallen zullen dus snel doorlopen worden.

Een ander belangrijk punt is dat de opleiding geen tentamens kent. Studenten doen (onderzoeks-)opdrachten - gekozen in samenspraak met de opleiding - en maken daarvan bijvoorbeeld video’s, logboeken of rapporten. Daarover krijgen ze na afloop van het project een examengesprek met twee docenten van zo’n twee uur.

Zo onderzoekt Jack momenteel de mogelijkheden van een biologische bestrijder in de bestrijding van trips in snijhortensia. “Japanse trips wordt een steeds groter probleem. In onze schuur heb ik een afgesloten proefkas gebouwd: daarin staan besmette planten en een waardplant. Ik kan dus op het bedrijf onderzoek doen, een ideale combinatie.”
 

Zelfdiscipline en motivatie

Ligtenberg: “Studenten laten tijdens de opleiding zien welk deel van het vakmanschap ze al beheersen. Dat is dus een heel andere insteek dan andere opleidingen. Studenten mogen wel college volgen, maar dat hoeft niet. Het draait dus om zowel zelfdiscipline als om motivatie.”

Willems: “Veel van de zaken die je doet voor de opleiding - bijvoorbeeld zo’n onderzoek naar trips - had ik waarschijnlijk in de praktijk ook gedaan. Maar nu doe ik het planmatig, zo doe ik nu ook een financiële doorberekening. Bovendien krijg ik feedback van de docent en van andere leerlingen. Deze opleiding is dus goed voor mij én voor het bedrijf!”
 

Instromen vanaf september

De Flexibele deeltijdopleiding Tuinbouw & Agribusiness is een volwaardige bachelor-opleiding en duurt tussen de twee en vier jaar. Deelnemers betalen het reguliere, wettelijk collegegeld; de hoogte daarvan is afhankelijk van of de student al een hbo- of wo-diploma heeft.

De opleiding zit op dit moment nog in de pilotfase, vertelt Ligtenberg. “We zijn de eerste groene opleider die deze vorm van onderwijs aanbiedt. Daarom doen we nu ervaring op, in samenwerking met het ministerie van Onderwijs. In september is het volgende instroommoment voor een klein aantal studenten.”

Bekijk meer informatie over de opleiding Flexibele deeltijdopleiding Tuinbouw & Agribusiness >>

Of neem contact op met Hans Ligtenberg: 06 22234896.

Energie


Meer informatie over dit thema: Menno Laan | 06 218 44 368
Themacoördinator Energie (Provincie Zuid-Holland)

 

Menno Laan nieuwe Themacoördinator Energie


Menno Laan is de nieuwe Themacoördinator Energie binnen de Greenport. In die functie volgt hij Marc Wiese op. Menno zal zich als Themacoördinator onder meer bezighouden met het nieuwe Energieakkoord.

Menno Laan werkt sinds 1992 bij de Provincie Zuid-Holland en startte enkele maanden geleden als projectleider Warmte van het programma Energietransitie van de Provincie Zuid-Holland. Als onderdeel van die functie is hij nu dus twee dagen per week Themacoördinator Energie bij de Greenport.

“Ik wil de transitie naar duurzame warmte binnen de Greenport een stap verder brengen”, vertelt Menno. “Daarin speelt het Energieakkoord een belangrijke rol. Dat akkoord bereiden we nu voor; ik zie het als mijn rol om het zo concreet mogelijk te maken.
Dus: wat gaan de verschillende partijen binnen de Greenport precies doen om de energietransitie vorm te geven?”

Strategische gebiedsontwikkeling

Meer informatie over dit thema: Peter Verbon
Themacoördinator Strategische Gebiedsontwikkeling
(Provincie Zuid-Holland)

Roadmap voor ‘een nieuw verdienmodel voor de tuinbouw’

 
Het komende jaar wordt gewerkt aan een blauwdruk voor de toekomst van het regionale tuinbouwcluster. Onder leiding van DRIFT (Dutch Research Institute for Transition) Erasmus Universiteit Rotterdam - van transitiehoogleraar Jan Rotmans - maken ‘dwarsdenkers’ van binnen én buiten de tuinbouw de ‘Roadmap Next Economy Greenport Westland-Oostland’. Ruud van der Vliet van Rabobank Westland: “Er is een revolutie nodig.”
 
U heeft afgelopen jaar ongetwijfeld gehoord of gelezen over de Roadmap Next Economy (RNE) van de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag (MRDH). Deze routekaart beschrijft hoe de regionale economie eruit ziet met een minimale inzet van fossiele brandstoffen. De RNE werd samengesteld met bureau The Third Industrial Revolution van de amerikaanse econoom Jeremy Rifkin. De Greenport is een van drivers van de RNE en programmamanager Jolanda Heistek is lid van de strategy group.

De RNE wordt momenteel uitgewerkt. Eén van die uitwerkingen is het opstellen van een routekaart die specifiek gericht is op het regionale tuinbouwcluster: de Roadmap Next Economy GreenportWO. Ruud van der Vliet, directeur Bedrijven bij Rabobank Westland, is lid van de stuurgroep: “In die Roadmap komt een nieuwe visie op de toekomst van de regio. We gaan werken aan een nieuw verdienmodel voor de tuinbouw.”
 

Revolutie

“De Nederlandse tuinbouw is enorm goed in het produceren van tuinbouwproducten en in het maken van hightech-oplossingen, zoals kassen en automatisering. Maar dat is niet meer genoeg”, vertelt Van der Vliet. “We richten ons op West-Europa, maar dat is een continent dat snel vergrijst. Tegelijk zie je dat in andere continenten de wereldbevolking snel groeit én dat ze daar inmiddels ook goed weten hoe ze groenten en bloemen moeten produceren.”

Doorgaan op de oude voet is dus geen oplossing. “De tuinbouw is verworden tot een sector waarvan het onderscheidend vermogen te weinig wordt herkend en betaald. Evolutie is niet meer voldoende. Er zijn dus doorbraken nodig. Een revolutie dus. We moeten naar een nieuw, duurzaam verdienmodel voor de hele Greenport.”
 

Dwarsdenkers

De tijd is rijp voor die revolutie, ook omdat er Europees geld beschikbaar is. “De Roadmap Next Economy krijgt van de Europese Unie toegang tot het Juncker-fonds voor strategische investeringen in de economie. Dat geldt daarmee ook voor de Roadmap voor de Greenport. We kunnen dus gas geven! Maar het gaat niet alleen om het geld; het is ook een signaal, een impuls om samen aan de slag te gaan.”

Dat ‘samen’ is meer dan een praatgroep van binnen de tuinbouw: de aanpak van DRIFT kenmerkt zich juist door het gebruikmaken van kennis, ideeën en inspiratie van knappe koppen van andere sectoren. Van der Vliet: “In het verleden zijn veel rapporten gemaakt over de toekomst van de tuinbouw. Meters rapporten. Maar die zijn allemaal van binnenuit gemaakt. De sector praatte over de sector. Maar als je een echte transitie wilt, als je wilt werken aan cross-overs, dan heb je ook mensen van buiten nodig. Slimme jongens en meiden, dwarsdenkers, zoals Rotmans ze noemt.”
 

Gezonde toekomst

De Roadmap Next Economy GreenportWO zal bestaan uit een visie op de toekomst van de tuinbouw. Deze gaat verder dan onze huidige bedrijfsleven visie 2030. Binnen die visie worden bovendien drie concrete doorbraakprojecten uitgewerkt. Die moeten voor het eind van dit jaar op papier staan. Er worden dus concrete stappen gezet, die ook écht worden uitgevoerd.

“Welke kant de oplossingen op zullen gaan, weten we nog niet. In principe is alles mogelijk. Het is dus heel goed mogelijk dat we werken aan een sector die heel anders is gestructureerd. Waarbij bijvoorbeeld de financiële stromen heel anders lopen dan nu het geval is. Dat is voor ons, de Rabobank, dus ook spannend. Maar ook wij hebben belang bij een gezonde toekomst voor de Greenport.”

Provincie Zuid-Holland: we geloven in de kracht van samenwerking

 
Zuid-Holland is een prominente partner van de Greenport. Maar de provincie is ook betrokken bij andere initiatieven die zich bezighouden met de regionale tuinbouw. Wat is de onderlinge verhouding tussen die partnerships, en welke rol speelt de Greenport daarin? Peter Verbon: "De Greenport is voor ons de drager van het regionale netwerk."

De tuinbouw is een belangrijke economische sector voor Zuid-Holland, zeker in regio’s zoals Westland, Oostland, Voorne-Putten en Barendrecht/Ridderkerk. Maar tot enkele jaren geleden was er niet één organisatie die de regionale tuinbouw verenigde. Dat was de aanleiding voor de oprichting van Greenport Westland-Oostland, vertelt Peter Verbon, programmamanager bij de provincie. "We geloven in de kracht van samenwerking. Dat vraagt om een krachtig triple helix-netwerk binnen het cluster. De Greenport dus."

De samenwerking in de Greenport begint bij de in 2014 opgestelde Bedrijfslevenvisie. Daarin staat beschreven wat de ambitie is van de samenwerking. Dat is in 2015 verder uitgewerkt in het Strategisch handelingsperspectief. "Het Strategisch handelingsperspectief kun je zien als een beschrijving van hoe de Greenport-machine verder ontwikkeld kan worden."
 

Duurzame en vitale toekomst

Elke partij binnen de Greenport heeft zijn eigen rol. Zo ook de provincie. "Als eerste ondersteunen we de netwerkfunctie. Binnen de Greenport is immers het gehele regionale tuinbouwcluster vertegenwoordigd. Maar minstens zo belangrijk is de operationele rol die we hebben binnen dat netwerk op een aantal thema's, zoals agrologistiek en energie."

Die operationele rol betekent dat de provincie op die thema's processen en projecten opstart, faciliteert en financiert. Zo ondersteunt en financiert de provincie onder meer het onderzoek naar agrologistieke bedrijventerreinen, het Energieakkoord, initiatieven op het gebied van strategische gebiedsontwikkeling (zoals Roadmap Next Economy, ontwikkeling ruimtelijk-economische strategie Westland, verkenning Oostland) en de centra voor Demonstratie en Innovatie (IDC's).

Het betekent dus níet dat de provincie via de Greenport daadwerkelijk verantwoordelijk is voor de uitvoering van die projecten. En dat komt doordat de Greenport niet zelf bedrijventerreinen aanlegt of warmtebronnen slaat. Die praktische uitvoering ligt elders. Verbon: "De Greenport is richtinggevend. Het gehele netwerk - onder leiding van de Greenboard – agendeert en initieert wat voor de regionale tuinbouw belangrijk is voor een duurzame en vitale toekomst."
 

Coalitie HOT

De daadwerkelijke uitvoering vindt op een ander niveau plaats. "Daarvoor zijn vaak andere actiegerichte (tijdelijke) coalities op gebiedsniveau of thematisch niveau. Neem de herstructurering van het Westland: daarvoor is er de Coalitie HOT."

Om het verwarrend te maken: ook daarvan is de provincie partner en met gemeente Westland de trekker van de satelliet Infra, Energie en Ruimte. "De provincie is partner van Coalitie HOT op een ander niveau en met een ander doel. We hebben met Coalitie HOT de ambitie om minimaal 50 hectare per jaar te moderniseren, een aantal geothermiebronnen te ontwikkelen en de bereikbaarheid van het gebied tussen de A4, Veilingroute en A20 te verbeteren. Daarvoor richten we samen met gemeente Westland een ontwikkelfonds op."
 

Daadwerkelijke uitvoering

Er zijn meer actiegerichte (tijdelijke) coalities waarbij de provincie betrokken is, zoals het MIRT-onderzoek Mainport-Greenport (voor een nieuw Greenport 3.0-beleid), Innovation Quarter (de regionale ontwikkelingsmaatschappij die werkt aan business-ontwikkeling in de Greenport), de A12-corridor (gebiedsontwikkeling langs de snelweg), Biobased Westland-Oostland, Coolport Waal Eemshaven (voor de ontsluiting van de Coolport) en ondersteuning van het ondernemersplatform Green meets Port.

Die (tijdelijke) coalities op gebiedsniveau of thematisch niveau zitten dus dichter op de daadwerkelijke uitvoering. En die uitvoering gebeurt binnen de koers die het regionale netwerk - de Greenport dus - heeft bepaald. Dat maakt de Greenport niet tot opdrachtgever, maar wel tot de partij die de regionale strategie bepaalt.


Motor voor de regionale tuinbouw

Verbon: "Er is binnen de regionale tuinbouw veel werk te verzetten. De transitie naar de toekomst vraagt om energieneutraal werken, meer toegevoegde waarde, de inzet van high tech en een integratie met de stad en de haven. Voor ons is de Greenport daarbij een belangrijke motor."

Internationalisering & Profilering


 

Chinese Solar Kas geopend in Bleiswijk


Woensdag 12 april 2017 is de Chinese ‘Solar Greenhouse’-tuinbouwkas, op het terrein van business unit Glastuinbouw van Wageningen University & Research, naast het Improvement Centre van Delphy in Bleiswijk officieel geopend. Twee belangrijke kennis-partners van de Greenport.

De Chinese kas op zonne-energie is voorzien van hoogwaardige Nederlandse technologie en bootst de klimaat-omstandigheden na van een typische tuinbouwkas in China. Door het onderzoek in deze kas zullen de Nederlandse leveranciers van tuinbouw-technologie beter in staat zijn om in China moderne Nederlandse technologie te leveren die aansluit op de lokale omstandigheden en wensen. Met die Nederlandse innovatieve technologie kunnen Chinese telers de kwaliteit en opbrengst van hun gewassen verder verbeteren. Het eerste gewas dat in deze kas wordt geteeld, is komkommer.

De opening werd verricht door Commissaris van de koning van de provincie Zuid-Holland Jaap Smit en commercieel adviseur van de Chinese ambassade Guosheng Zhang, in aanwezigheid van onder anderen de voorzitter van de Topsector Tuinbouw & Uitgangsmaterialen Loek Hermans, de burgemeester van Lansingerland Pieter van de Stadt en de wethouder van Lansingerland Albert Abee, tevens bestuurslid van de Metropoolregio.

Het onderzoek aan de Chinese Solar Greenhouse is opgezet door ‘Partners in International Business’ (PIB), een groep van toonaangevende Nederlandse bedrijven en kennisinstellingen in de tuinbouwsector die actief zijn in China: Hoogendoorn Growth Management, Ludvig Svensson, Ridder Drive Systems, HortiMax, Delphy en Wageningen University & Research te versterken door hun technologie te promoten en te laten zien welke voordelen het gebruik van deze technologie en kennis biedt voor de huidige Chinese tuinbouwsector. Het komkommers gewas is geleverd door RijkZwaan. Het project wordt gefinancierd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en metropoolregio Rotterdam Den Haag in het kader van IDC Internationaal.
 
Bekijk de video van de opening.
 
Meer informatie: Eric Poot WageningenUR glastuinbouw
Of lees het artikel op de website van WageningenUR glastuinbouw

Gezondheid & Geluk


Meer informatie over dit thema: Frans Pijls  
Themacoördinator Gezondheid & Geluk (Gemeente Westland)

Betekenisvolle inspiratie tijdens Verrassend Duurzaam

 
Welke nieuwe oplossingen zijn er op het gebied van duurzaamheid? Daarover ging Verrassend Duurzaam op 20 april bij Greenport partner Inholland, Delft. De bijeenkomst had een flinke opkomst én een serie goede, inspirerende sprekers.
 
Verrassend Duurzaam was een initiatief van Hogeschool Inholland Delft, Biobased Greenport Westland-Oostland en Greenport Westland-Oostland.

"Vanavond geven we u een andere blik op de kansen die duurzaamheid biedt", aldus projectleider Willem Kemmers van Biobased GreenportWO tijdens de opening van de bijeenkomst. Die nieuwe kansen kun je vinden door het leggen van soms onverwachte verbindingen en door te investeren in kennis en innovatie, vertelde programmamanager Jolanda Heistek van de Greenport aan de circa 60 deelnemers aan de bijeenkomst.
 


Vitale motor

De keynote werd verzorgd door Olaf van Kooten, hoogleraar Tuinbouwproductieketens aan de Wageningen Universiteit en lector Duurzame verbindingen in de Greenports aan de Hogeschool Inholland. Zijn presentatie had als titel 'De tuinbouw als vitale motor van de toekomst'.

Volgens Van Kooten is ons eten de afgelopen eeuwen nauwelijks veranderd. Maar de komende decennia zullen juist enorme veranderingen plaatsvinden. De noodzaak daarvoor is duidelijk aanwezig: tot 2060 verdubbelt de voedselbehoefte van de wereldbevolking, maar door klimaatveranderingen zal de productie tot 2100 halveren. "Zo is in 2100 de mijnbare fosfaat op." Daarnaast is de voedingswaarde van groenten en fruit de afgelopen eeuw met een factor 5 verkleind. We hebben dus een 'wicked' problem, aldus Van Kooten. De tuinbouw heeft veel kansen om dat probleem op te helpen lossen.
 

Biogas uit plantenresten

Na de presentatie van Van Kooten waren er twee rondes met elk twee sprekers. Hans van den Berg, procesmanager Warmte bij LTO Glaskracht Nederland, vertelde over de mogelijkheden van restwarmte en rest-CO2 voor de tuinbouw. "Het laatst beschikbare gas stroomt niet naar de tuinbouw", aldus Van den Berg. En dus moet de tuinbouw druk blijven zetten op alternatieve bronnen.

Coen Hubers (TU Delft) en Henri Potze (Benefits of Nature) gaven tijdens hun presentatie aan welke mogelijkheden er zijn om met hulp van digitalisering duurzame prestaties te benchmarken. Jan Pen van de Extractenbibliotheek leerde de aanwezigen hoe plantinhoudstoffen worden onderzocht, en op welke manier afnemers - bijvoorbeeld op het gebied van chemie of voedingssupplementen - gebruik kunnen maken van de kennis over de mogelijkheden van inmiddels 1.300 plantensoorten.

Ondernemer Philip Troost van Stadsgas en GroenCollect inspireerde de aanwezigen met zijn presentatie over afval, of beter gezegd, reststromen. Zo kan van afgekeurde papaya’s natuurlijk leer gemaakt worden, en met kleine installaties kan van bijvoorbeeld plantresten biogas gemaakt worden. De terugverdientijd is slechts enkele jaren. Ook individuele telers kunnen hiermee producent van biogassen worden, vertelde Troost.

Willem Kemmers kijkt tevreden terug op de bijeenkomst Verrassend Duurzaam: "Een goede opkomst met veel ondernemers en inspirerende presentaties. En het mooie was die presentaties niet alleen gingen over luchtfietsen: het ging vaak - zoals bij Philip Troost - over haalbare business cases. Je kon duidelijk merken dat de aanwezigen daarvan zeer onder de indruk waren."
 
 

Symposium voeden van de stad

Wilt u meer inspiratie op het gebied van duurzaamheid? Studenten van Inholland organiseren van 15 tot en met 18 mei de 'Sustainable college tour', met onder meer workshops, hackatons en lezingen. Op 18 mei vanaf 18:00 is er een symposium over het voeden van de stad. Ook dit vindt weer plaats bij Inholland in Delft.
 
Meer informatie: Willem Kemmers biobased@greenportwo.nl

Doet uw bedrijf mee aan Dutch Agri Food Week?


Van 9 tot en met 19 oktober 2017 staat in heel Nederland voedsel en gezondheid centraal tijdens de derde editie van Dutch Agri Food Week. De Greenport is mede-initiatiefnemer van Dutch Agri Food Week en werkt aan een mooi programma. En misschien wilt uw bedrijf of organisatie daaraan meewerken...

Van boer tot voedselproducent, van kok tot wetenschapper, van supermarkt tot overheid; tijdens Dutch Agri Food Week laten zij zien hoe ze werken aan lekker, veilig en gezond voedsel en wat er in de totale keten van grond tot mond nodig is om dat voor elkaar te krijgen. Vorig jaar trok Dutch Agri Food Week zo’n 30.000 bezoekers met 100 activiteiten en events verspreid over Nederland.

Initiatiefnemers zijn: Topsector Agri & Food, Food Valley NL en de agrifood en tuinbouwregio’s AgriFood Capital, Greenport Westland-Oostland en Brightlands Greenport Venlo.
 

Programma in de Greenport

De Greenport is trotse partner van de Dutch Agri Food Week. We willen laten zien dat we niet alleen de meest productieve maar ook een zeer innovatieve sector in Nederland zijn. En hoe we samenwerken aan duurzame voedselsystemen van nu en de toekomst. In 2016 vond een mooi aantal evenementen plaats in de Greenport, zoals World Food Day en de Smart Fresh Tour.

De komende tijd werkt de Greenport aan een programma. Daarvoor zijn we in gesprek met partners. Wilt u aansluiten met uw bedrijf of organisatie, stuur dan een mail naar communicatie@greenportwo.nl.

Belangrijke data


11 mei – Greenport Jaarevent 2017
12 mei - VanGasLos Festival
15 mei - Global Food Inspiration Day
8 juni - Greenport Holland Conferentie
19 juni – Jaarevent InnovationQuarter
29-30 juni – ERIAFF – Feeding the cities and Greening the cities
3 september – Ride for the Roses
8 september - Heatlhy Food Congress
9-19 oktober - Dutch Agri Food Week

Het laatste nieuws op onze website 

 
Deel via Twitter
Stuur deze update door
Deel via LinkedIn
Mondiale tuinbouwkern - Voedselvoorziening, Gezondheid & Geluk  
 
Contact
Greenport Westland-Oostland
Jolanda Heistek, programmamanager

E:
jolanda.heistek@greenportwo.nl
M: 06 - 13 60 87 52
I:
www.greenportwo.nl
T: @GreenportWO
 
  

Greenport Westland-Oostland
Postbus 182
2665 ZK Bleiswijk
 
Uitgave: April 2017
 
Copyright © 2017 Greenport Westland-Oostland, All rights reserved.
U ontvangt deze e-mail omdat u lid bent van de Greenport Westland-Oostland mailinglijst.

afmelden van verzendlijst uw persoonlijke instellingen aanpassen