Copy
Nieuwsbrief voor scholen
View this email in your browser

Nieuwsbrief Najaar 2015

Samenwerking met u als leerkracht, intern of ambulant begeleider of andere betrokkenen rondom de zorg voor het kind is een belangrijke pijler in onze behandeling. Het thema van deze informatie-brief is het nieuwe behandelperspectief in de eerstelijns logopedie.

Een nieuw behandelperspectief; participatieniveau
De afgelopen jaren zijn er veel veranderingen in de eerstelijnszorg doorgevoerd. Zorgverzekeraars stellen steeds strengere eisen aan behandelingen door logopedisten. Wij werken tegenwoordig meer hulpvraag- en participatiegericht en daardoor efficiënter. De behandelperiodes zijn afgebakend en korter. Om de logopedische zorg rondom het kind in goede banen te leiden hebben wij een korte vragenlijst voor leerkrachten ontwikkeld om gericht informatie over het kind te verzamelen. In dit artikel zetten wij onze nieuwe werkwijze uiteen en laten we u kennismaken met deze vragenlijst. 


Voorheen richtten wij onze behandeling met name op de stoornis van het kind. We concentreerden ons op wat het kind niet kon. We werkten stoornisgericht. Als uit taalonderzoek bleek dat een kind uitviel op de  woordenschat, dan werkten wij een x-aantal maanden lang aan het uitbreiden van de woordenschat en stopten de therapie (pas) op het moment dat er een gemiddelde score bereikt was. Tegenwoordig vragen we bij de intake door naar de communicatieve en/of sociale situatie(s) waarin het kind last heeft van zijn ‘stoornis’; het participatieniveau. Het kind heeft een kleine woordenschat, maar waar loopt het kind in de dagelijkse communicatie dan precies tegenaan? Wat kan het kind wél goed en wanneer gaat het mis? Zo zijn er kinderen met een kleine woordenschat, waarvan de ouders geen hulpvraag hebben omdat het kind niet vastloopt op participatieniveau in de thuissituatie.

Er zijn echter ook kinderen met een kleine woordenschat die wel last ervaren op participatieniveau.

Hieronder volgen twee voorbeelden om het verschil duidelijk te maken: 

voorbeeld 1
Een jongen van net vier jaar gaat sinds een aantal maanden naar de basisschool. Hij is de jongste in de klas en heeft een kleine woordenschat en moeite met de zinsvorming. Ook al komt hij woorden te kort, hij laat zich niet de kaas van het brood eten. Hij weet zich duidelijk te maken naar zijn omgeving. 

voorbeeld 2
Een meisje van net vier jaar gaat sinds een aantal maanden naar de basisschool. Ze heeft een kleine woordenschat en moeite met de zinsvorming. Het meisje is hierdoor erg onzeker en ervaart geen spelplezier wanneer zij met andere kinderen in bijvoorbeeld de poppenhoek speelt. Ze houdt zich afzijdig en moet door de docent gestimuleerd worden om mee te doen met de activiteit. Thuis uit ze haar  frustratie in boos gedrag wanneer zij haar wens niet duidelijk kan maken aan haar ouders. 

In het geval van voorbeeld 1 kun je je afvragen in hoeverre deze jongen logopedie (in een eerstelijn-setting) nodig heeft. Zijn woordenschat is klein, maar hij komt goed mee in de klas. Ouders hebben eigenlijk geen hulpvraag voor de logopedist. Bij het meisje uit voorbeeld 2 is er duidelijk sprake van een probleem op participatieniveau zowel thuis als op school. Ouders en school zouden de volgende hulpvraag kunnen formuleren: 
Wij zouden graag willen dat onze dochter zich zekerder voelt in de klas, zodat zij plezier krijgt om met andere kinderen te spelen. Ook hopen wij dat ze door logopedie zich beter kan uitdrukken waardoor zij thuis minder boos gedrag vertoont. 

Uit deze hulpvraag vloeit een behandeldoel dat gericht is op beter deelnemen in de communicatieve situaties thuis en op school middels het vergroten van de woordenschat en verbeteren van de zinsvorming. Met ouders, en in dit geval ook school, bespreken wij bij aanvang van de behandeling wanneer zij vinden dat de behandeling geslaagd is.

In het geval van het meisje uit voorbeeld 2 kan dit zijn op het moment dat wij van school horen dat het meisje talig meedoet in de klas en ouders aangeven dat er thuis weinig tot geen frustratie a.g.v taalproblemen meer is.

Als uit het evaluatiegesprek blijkt dat het meisje geen problemen meer ervaart op participatieniveau is het behandeldoel behaald. Ook al zou uit de taaltesten blijken dat de woordenschat en zinsvorming nog niet volledig op niveau zijn, wordt de behandeling afgerond. Als de problemen vooral op school gesignaleerd worden is de informatie van de leerkracht essentieel voor ons behandeldoel. Daarom hebben wij een kort vragenformulier ontwikkeld om de hulpvraag op participatieniveau helder te krijgen.

Leerkrachten kunnen op het formulier aangeven op welk aspect van de communicatie het kind vastloopt (stoornisgericht). Vervolgens wordt er gevraagd dit te specificeren door een situatie te beschrijven waarin het kind vastloopt (participatieniveau).  Daarna wordt gevraagd om de ernst te beoordelen met een cijfer.

Kijk ook eens op onze vernieuwde website (klik!)
Nieuws
 

Onze website is vernieuwd; hij is nu nog overzichtelijker met gastenboek en referenties.

Vanaf oktober jl is onze dependance Kabouterhuis West geopend.

De praktijk is met name gespecialiseerd in hulp aan kinderen met 'special needs' die MOC ‘t Kabouterhuis West, de Prof. Wateringschool, Raeger en Zigzag bezoeken.

 
Op zoek naar taaltips? Neem eens een kijkje op https://www.amsterdam.nl/onderwijs-jeugd/taaltips/

Specialisatie

Wisten jullie dat het team van logopedie Westrand veel specialisaties in huis heeft? Kijk op onze website voor meer informatie!
Copyright © 2015 Logopedie Westrand, All rights reserved.


unsubscribe from this list    update subscription preferences 

Email Marketing Powered by Mailchimp